Btw verleggen: wanneer wel, wanneer niet, en wat zet je op de factuur?

Binnenlandse verlegging, intracommunautaire levering, export en de EU-particulier. Zes situaties, met de wetsartikelen die op de factuur horen.

"Btw verleggen" betekent dat niet jij de btw afdraagt, maar je klant hem in zijn eigen aangifte opgeeft. Jij factureert zonder btw en zet op de factuur waarom. Of dat mag hangt af van wat je levert en aan wie — niet van wat handig uitkomt.

De zes situaties

Voor een Nederlandse ondernemer zijn dit de gevallen die voorkomen. Ze sluiten elkaar uit: per factuur geldt er één.

1. Binnenland — gewoon btw rekenen

De standaard. Nederlandse klant, Nederlandse levering, 21% of 9%. Geen vermelding nodig.

2. Btw verlegd binnen Nederland

Bij een aantal aangewezen situaties verlegt de leverancier de btw naar een Nederlandse afnemer die ook ondernemer is. Het bekendste geval is werk in de bouw: als onderaannemer factureer je de hoofdaannemer zonder btw.

Op de factuur: "Btw verlegd (art. 12 lid 5 Wet OB)", plus het btw-nummer van je klant. In je aangifte gaat de omzet naar rubriek 1e.

3. Intracommunautaire levering — EU, zakelijk

Je klant is ondernemer in een ander EU-land en heeft een geldig btw-nummer. Je rekent 0% en de btw verschuift naar hem.

Op de factuur: "Btw verlegd — intracommunautaire levering (art. 138/196 btw-richtlijn)", met beide btw-nummers. In je aangifte: rubriek 3b, én een regel in je ICP-opgaaf.

Voorwaarde is dat je het btw-nummer hebt gecontroleerd in VIES. Klopt het niet, dan was het geen intracommunautaire levering en hang je zelf voor de btw.

4. EU-particulier — wél btw rekenen

Dit is de situatie waar het het vaakst misgaat. Verkoop je aan een consument in een ander EU-land, dan verleg je niets. Je rekent btw.

Boven de EU-drempel voor afstandsverkopen reken je het tarief van het land van je klant en draag je dat af via de One Stop Shop; blijf je eronder, dan reken je gewoon Nederlandse btw. In beide gevallen: btw op de factuur.

Wie hier 0% rekent omdat "het naar het buitenland gaat", brengt te weinig btw in rekening en betaalt het verschil later zelf. Dat is de dure kant om fout te zitten.

5. Export buiten de EU

Goederen die de EU verlaten: 0%. Op de factuur "0% btw — uitvoer buiten de EU", en je moet met vervoersdocumenten kunnen aantonen dat de goederen er echt uit zijn. In je aangifte: rubriek 3a.

6. Vrijgesteld

Sommige prestaties zijn vrijgesteld van btw — onderwijs, zorg, sommige financiële diensten. Geen btw, maar ook geen recht op aftrek van voorbelasting over de kosten die erbij horen. Vrijgesteld is dus iets anders dan 0%: bij 0% mag je de voorbelasting wél aftrekken.

Verleggen is een eigenschap van je klant, niet van je product

Dit is het onderscheid dat administratie redt. Of iets onder 21% of 9% valt, hangt af van wát je verkoopt. Of de btw wordt verlegd, hangt af van wíe het koopt en waar hij zit.

Een bureaustoel is 21%. Diezelfde stoel aan een Belgische ondernemer met een geldig btw-nummer is verlegd. Het product is niet veranderd; de klant wel. Wie het verleggen per product instelt, kan een stoel "intracommunautair" maken en hem daarna aan een Nederlandse klant verkopen — en dat is een foute aangifte, niet een fout etiket.

Hoe Notto dit doet

De btw-behandeling staat op de klant en gaat mee naar het document. Bij een nieuw contact stelt Notto er een voor op basis van het land en het btw-nummer, en je kunt hem per document overschrijven. De bijbehorende wettekst komt automatisch op de pdf.

De zes behandelingen hierboven zijn precies de zes die je kunt kiezen. EU-particulier is daarbij bewust níet nulgetarifeerd, om de fout uit situatie 4 onmogelijk te maken.

Algemene informatie, geen fiscaal advies. Regels en bedragen veranderen; controleer ze bij de Belastingdienst of bij je boekhouder voordat je erop handelt.

Verder lezen